Algemene en overige uitkeringen P7 | Begroting | Begroting | Werkelijk | Afwijking | |
voor wijziging | na wijziging | saldo | |||
in € (+=voordeel/-=nadeel) | |||||
Lasten | 0 | 0 | 0 | 0 | |
Baten | 49.821.000 | 53.312.000 | 54.159.558 | 847.558 | |
Saldo van baten en lasten | 49.821.000 | 53.312.000 | 54.159.558 | 847.558 | |
|---|---|---|---|---|---|
Het totaal van de algemene uitkering, de (eventuele) aanvullende uitkering en de integratie- en decentralisatie- uitkeringen, wordt in 50 wekelijkse termijnen van het rijk ontvangen. Bij elke wijziging van de basisgegevens, de overige uitkeringen, de uitkeringsfactor en/of de gewichten (bedrag per eenheid) van de verdeelmaatstaven en bij de start van een nieuw uitkeringsjaar ontvangen we deze wijziging in de vorm van een specificatieoverzicht.
De laatste gepresenteerde wijziging van de algemene uitkering is de Herfstnota 2025. Na de Herfstnota 2025 is de decembercirculaire 2025 nog ontvangen. Met deze circulaire informeert het Rijk de gemeente over de omvang van de verdeling van de uitkeringen van het Gemeentefonds. De Algemene Uitkering is positiever uitgevallen dan vooraf was geprognosticeerd. Dit resulteerde in een toename van de Algemene Uitkering ten opzichte van de stand bij de Herfstnota 2025.
De algemene uitkering voor 2025 bedraagt in totaal € 53.759.236. Na verrekeningen van de jaren 2021 tot en met 2024, totaal € 400.322 komt het uiteindelijke bedrag op € 54.159.558.
Voor meer uitleg over deze verrekeningen en hoe het gemeentefonds in 2025 is verdeeld over de verschillende maatstaven, verwijzen we naar de Facultatieve bijlage Algemene Uitkering.
